Omslag "Het verhaal achter haar Ramen"


Het verhaal achter haar Ramen

Ode aan Femmy Geesink

door Johan Lodewijk Schilt

formaat 17 x 24 cm, 100 pagina's
ISBN 978-90-78215-53-0, verkoopprijs € 19,50


Foto Femmy Geesink
Femmy Geesink als 25-jarige

Tekst op omslag
Femmy Schilt-Geesink (1908-1988) verrijkte Nederland met meer dan 150 Ramen in openbare gebouwen: Kerken, Gemeentehuizen, Scholen en Musea. Johan Schilt, haar echtgenoot en artisan, belicht op fijnzinnige wijze Femmy Geesink, de muzikale wiskundige mystica. Zij wist te schouwen in plaats van te kijken en te luisteren naar de Harmonie der Sferen. Die soberheid markeerde ook haar leven.

Onder de vele kunstuitingen neemt het Gebrandschilderd Raam een speciale plaats in. Het is onverhandelbaar en kwetsbaar. Het functioneert via doorvlietend licht en bepaalt daardoor de sfeer der ruimten intenser dan een schilderij aan de wand.

Met haar overlijden in 1988 verloor Europa een van de grootste representanten van de twintigste eeuwse Glazenierskunst. Zij was een waar opvolgster van Van Konijnenburg en professor R.N. Roland Holst, haar leermeester.

Johan Schilt gunt ons een heldere blik in hetgeen zich achter haar Ramen afspeelde gedurende 45 jaar noeste arbeid. In de 12 Juweeltjes komt Femmy als het ware naast u zitten met een potlood of penseel in de hand en vertelt u zachtjes hoe het ‘werkte’ dat werken van haar, zij die ooit verklaarde ‘nooit gewerkt te hebben’. En dan vertrouwt ze u zelfs enkele van haar dromen toe.

Met Het verhaal achter haar Ramen is een Monument opgericht ter hare ere.

Foto Femmy Geesink en Johan Schilt, haar echtgenoot en artisan
Femmy Geesink en Johan Schilt, haar echtgenoot en artisan

Inleiding door Drs E. Roest, burgemeester van Laren

'Luisterend  stel ik de loodbanden bij’

Toen de auteur van deze monografie mij vroeg een inleiding te schrijven, heb ik onmiddellijk ingestemd. Helaas heb ik de hoofdpersoon Femmy Geesink nooit ontmoet, maar ben haar wel leren kennen door de Verhalen achter haar Ramen. Ja zelfs vermeerderd en verrijkt door grote delen van het archief van haar echtgenoot; ook die nimmer aan derden zijn getoond.

Wie zich verdiept in haar kunstenaarsschap wordt getroffen door een vrouw die haar spiritualiteit verenigde met de stoere ambachtelijkheid van de glazenierskunst. Zij zocht en vond haar beeldtaal in zichzelf en putte uit filosofische Oosterse tekentaal. Zij omarmde de fijnzinnige symboliek der Symbolisten. Dit doet denken aan de theologische School uit het Franse Protestantisme van het 19e eeuwse Parijs. De Symbolisten brachten religie en wetenschap in overeenstemming. Dit kon door de resultaten van de historisch-kritische wetenschap niet worden aangetast. Haar werk wordt bepaald door principes en niet zozeer door vernieuwing van vorm. Het vindt in onder andere Chartres fundament en in haar hang naar het bovenzinnelijke klinken de Middeleeuwen door.

Eenvoud, puurheid en mathematiek vormen belangrijke thema's. Volgens de auteur heeft een kunstenaar 'direct verkeer' met het irrationele. Hij bepleit de noodzaak dat de ratio (het manlijke) en de irratio (het vrouwelijke) elkaar doordringen. Misschien maakt de heer Schilt impliciet een verwijzing naar de twee-eenheid die hij met zijn vrouw in de kunst vormt!

Honderd jaar geleden werd Femmy Geesink te Utrecht geboren. Met haar overlijden in 1988 verloor Europa een van de grootste representanten van de twintigste eeuwse Glazenierskunst. Zij was een waar opvolgster van Van Konijnenburg, die in vroeger tijd ook in Laren zijn atelier had, zowel voor het scheppende als ambachtelijke van de Glaskunst.

Terug naar het aloude nooit getoonde archief:

Als vrijwel ieder kind vond Femmy Geesink tekenen heerlijk. De lagere school bood op het gebied van beeldend scheppen geen enkele inspiratie, zodat zij de randen van de officiële leerboeken gebruikte om haar kinderlijke scheppingsdrift te ontladen. Dit gaf natuurlijk wel de nodige fricties met de schooljuffen. Op de middelbare meisjesschool was zij een middelmatige leerlinge. Talen vond zij prettig vanwege de klank. Op het gebied van tekenen en wiskunde was zij een uitblinkster. Het waren jolige jaren samen met haar vriendin Liesbet de Graaf, wier vader Mr. A. de Graaf haar later zou introduceren bij de Hemmense Heren.

Naast haar scheppingsdrift speelde zij voortreffelijk piano. Dat bracht haar er aanvankelijk toe een muziekopleiding te volgen aan het Amsterdams Conservatorium. Het werd echter de Rijks Academie van Beeldende kunsten. Het zelf scheppende kreeg voorrang bij het herscheppende auditieve. Muziek bleef een grote inspiratiebron, een aspect dat ook bij Paul Klee te vinden is. Melodie, harmonie en ritme trof zij aan bij de Kathedraalbouwers uit de Middeleeuwen en zij verwerkte die drie-eenheid veelvuldig in haar composities. Zij was in staat een fuga van Bach te beschrijven in verband met de schoonheid van de bouwers van de 12e eeuw.

Haar beroepsopleiding tekenen ontving zij bij de toenmalige Utrechtse grootheden Gabrielse en Van Dokkum. Na twee jaar slaagde zij als 20-jarige voor het zware toelatingsexamen voor de Rijksacademie van Beeldende Kunsten. De eerste twee jaar studeerde zij bij de Professoren Jurres en Bronner en voelde zich als een vis in het water. Zelfs alle facultatieve avondlessen volgde zij en arriveerde dan om elf uur 's avonds bij haar ouders in Haarlem. Het derde jaar stond zij weer voor een keus ten aanzien van een specialisatie. Werd het schilderen, beeldhouwen, architectonisch gebonden kunsten? Het werd het laatste, waarbij zij het geluk had professor R.N. Roland Holst als haar leermeester te krijgen. Na deze drie jaar sloot zij op 25-jarige leeftijd een 7-jarige studie af, en dook in het diepe: Hemmen!

Maar er is meer. Laren en Larens' burgemeesters hebben altijd een rol gespeeld gedurende de 35 jaar dat zij in dit kunstenaarsdorp woonde. Daarbij denk ik aan het glasmozaïek dat in de corridor tussen de villa de Wilde Zwanen en het Singertheater is aangebracht. Dit mozaïek is een tastbaar bewijs van dankbaarheid van het Larens' gemeentebestuur aan Anna Singer Brugh, de schenkster van het Singermuseum en de concertzaal. In 1965 kreeg het echtpaar Schilt-Geesink van een van mijn voorgangers opdracht zes gebrandschilderde ramen voor de aula van de Algemene Begraafplaats te vervaardigen. Zelf heb ik de eer gehad een tekst van Adriaan Roland Holst te mogen laten aanbrengen in de aula. Het zijn uit de vergetelheid ontrukte woorden met de sterkst denkbare zeggingskracht, speciaal gecomponeerd voor deze plek.

In deze context vind ik het een voorrecht een inleiding bij deze Ode aan Femmy Geesink te kunnen schrijven; een kunstenares die een even indrukwekkend als omvangrijk oeuvre heeft nagelaten.

Mei 2008

E.J. Roest

Winschoten 1948 / 1977 - De Romano Gotische kerk
Winschoten 1948 / 1977 - De Romano Gotische kerk


Inhoudsopgave

Na Halfweg Samen op weg

Hemmen 1933 / 1938 - De knop ontluikt

Zeist 1949 - Kapel van Christelijk sanitorium Altrecht

Winschoten 1948 / 1977 - De Romano Gotische kerk

Aalsmeer 1950 - Twee ramen in het oude gemeentehuis

Kapelle 1951 - De zes ramen in het gemeentehuis

Borculo 1951 - De drie koorramen in de Nederlands Hervormde Kerk

Wesepe 1951

Hilversum 1952 / 1982 De Maranathakerk

Nieuw Vennep 1955 - Vicon

Amsterdam 1955 - Het concertgebouwraam

Jaarsveld 1957

Hilversum 1957 - Campina

Veendam 1962 - Het halraam van het Winkler Prins Lyceum

Laren 1965 - Aula
Borculo 1951 - De drie koorramen in de Nederlamnds Hervormde Kerk
Borculo 1951 - De drie koorramen in de Nederlands Hervormde Kerk


Foto schilt

Johan Lodewijk Schilt tijdens de aanbieding van het eerste exemplaar aan burgemeester Drs. E. Roest van Laren

 


HOME PAGE